12-2-2009 - Van yoghurt tot probiotica

12-2-2009

Vorig jaar zakte de verkoop van probiotische drankjes en fitmakers in, na berichten dat een onderzoek bij mensen met een beschadigde alvleesklier tot het overlijden van patiënten had geleid. Deze week zal de omzet weer wat toenemen door het nieuws dat probiotische drankjes het immuunsysteem versterken.

De basis van de probiotische drankjes is de belofte dat zij zorgen voor een gezonde darmflora. In onze maag en darmen zijn legers bacteriën actief om de spijsvertering goed te laten verlopen. Maar niet alle bacteriën zijn even goed en die kunnen de opname van voedingsstoffen belemmeren. De gedachte achter de probiotische drankjes is dat de goede bacteriën met een hoge dosis versterkt worden en daarmee de spijsvertering. Dat komt de weerstand ten goede, want de bouwstoffen worden weer beter opgenomen in het lichaam. Maar wat moet je als leek met onderzoeken die elkaar tegenspreken?

De onderzoekers nog maar even lekker laten dooronderzoeken, gesteund door de makers van de probiotische drankjes. Wie minder geld aan die producten wil uitgeven, maar wel geloof hecht aan de theorie dat met name melkzuur bacteriën bijdragen aan een gezonde darmflora, kan in de natuurvoedingswinkel z'n lol op. Om te beginnen in het zuivelschap. De biologische yoghurt, karnemelk, biogarde en niet te vergeten acidophilusmelk zijn niet alleen lekker, maar ook rijk aan melkzuurbacteriën van verschillende origine. Wie er nog een schepje bovenop wil gooien kan natuurlijk zijn toevlucht nemen tot de melkzure groentesappen.

Lekker van smaak en oergezond. Voor de echte diehards is er natuurlijk zoiets als Kanne Brooddrank, al doet zuurkoolsap hier qua kracht nauwelijks voor onder. Ook gewone zuurkool is uiteraard een bijzonder krachtige bron van gezonde melkzuurbacteriën. Niemand die daar nog aan twijfelt, maar geen idee of dat ooit wetenschappelijk onderzocht is. Misschien is dit wel de oplossing: iets meer vertrouwen op de eigen intuïtie wat wel en niet gezond is, en op de wijsheid die generaties voor ons al zonder onderzoek tot stand gekomen is.

De voedingsindustrie zal de ommekeer niet brengen, stelt Pollan, want zij wordt voortgedreven om meer te verdienen. 'De enige die het systeem kan keren is de consument? wat een rotwoord is dat toch, laten we hem "co-producer" noemen. De co-producer stemt met zijn mond en stelt duurzame boeren, zoals de biologische boeren, in staat om echt eten te produceren.'