19-3-2009 - Smaakmakend voorjaar
21-5-2010
Onlangs toonde het televisieprogramma Labyrinth de verschillende toekomstscenario’s voor onze vleesproductie. Aangezien de vleesproductie een van de meest milieubelastende is en het vleesgebruik door de groeiende wereldbevolking zal stijgen, is deze industrie aan een herijking toe. De omzetting van plantaardige naar dierlijke eiwitten is bovendien zeer inefficiënt: voor elke kilo vlees is vier kilo voer nodig. En dan is de vleesproductie ook nog maatschappelijk gezien velen een doorn in het oog vanwege de slechte leefomstandigheden van de dieren.
Grofweg kwamen de volgende scenario’s voorbij:
1. Vlees moet weer heel bijzonder worden. In de jaren vijftig werd er tien kilo vlees per persoon per jaar gegeten. Nu is dat een slordige tachtig kilo. Binnen dit scenario past een biologische en dus diervriendelijke veehouderij. Twee tot maximaal drie keer per week een bescheiden portie vlees, maar dan van goede kwaliteit.
2. Het clusteren van de vleesproductie in zogenaamde agroparken van 600 tot 1000 hectare, waar de dieren meer ruimte krijgen. De dieren worden ter plaatse geslacht en om de agroparken heen bevinden zich kas-teelten, waar de mest gebruikt kan worden. De dieren komen nooit meer buiten.
3. Het vervangen van de traditionele vleesproductie door kunstmatige vleesproductie. Men is in een vergevorderd stadium om stamcellen om te zetten in spiercellen. Het stukje vlees groeit in het laboratorium. Bij muizen is deze techniek al gelukt. Eén probleem is opgelost: geen CO2 uitstoot door de dieren.
Het zal duidelijk zijn dat vanuit het biologische perspectief de eerste optie veruit de voorkeur geniet. Door minder, maar beter vlees te eten worden vier vliegen in een klap gevangen: de diervriendelijkheid is terug, het preventieve antibiotica gebruik wordt volledig gestopt, de grote uitbraken van dierziekten zullen afnemen en er komen veel meer plantaardige eiwitten beschikbaar voor menselijke consumptie. De modellen twee en drie gaan uit van een onverminderde groei van de vleesconsumptie en dat leidt vanzelf tot excessen. Kunstvlees klinkt als een schone oplossing, maar voedingstechnisch lijk het me een drama. Deze voedingsopvatting gaat uit van eten als bouwstoffen: een verzameling eiwitten, vetten, koolhydraten, vezels, vitaminen en mineralen. Maar voeding is veel meer: een levensmiddel, dat de kracht van de natuur doorgeeft in zijn unieke samenhang. Als abonnee van de Vitatas weet u als geen ander wat dat betekent: puur natuur van de biologische boer, zonder kunstgrepen.
